Nadere toelichting

1. Rentedragende leningen

Het totaalbedrag van € 2.832,2 miljoen (ultimo 2017: € 2.842,9 miljoen) aan langlopende leningen bestaat voor € 2.250,0 miljoen (ultimo 2017: € 2.250,0 miljoen) uit langlopende obligaties en voor € 582,2 miljoen (ultimo 2017: € 592,9 miljoen) uit onderhandse leningen.

Mutatieoverzicht rentedragende leningen

Mutatieoverzicht rentedragende leningen
In miljoenen euro's Eerste Halfjaar 2018 2017 
     
Stand per 1 januari  2 842,9  3164,3 
     
Getrokken op onderhandse faciliteiten en uitgegeven obligatieleningen - -
Aflossingsverplichtingen in volgend boekjaar ‑10,7  ‑321,4 
     
Stand per 30 juni/31 december  2 832,2  2842,9 

Overzicht toekomstige aflossingen

Overzicht toekomstige aflossingen
In miljoenen euro's 30 juni 2018 2017
Aflossingsverplichting in    
2018 310,7 321,4
2019 321,5 321,5
2020 21,4 21,4
2021 800,0 800,0
2022 625,0 625,0
na 2022 1 075,0 1 075,0
Totaal van de aflossingsverplichtingen 3 153,6 3 164,3

De vennootschap heeft een rekening-courant faciliteit van € 25 miljoen (ultimo 2017: € 25 miljoen), een gecommitteerde kredietfaciliteit van € 680 miljoen (ultimo 2017: € 680 miljoen), een Commercial Paper programma ter grootte van € 750 miljoen (ultimo 2017: € 750 miljoen) en een Medium Term Note (MTN) programma ter grootte van € 7,5 miljard (ultimo 2017: € 7,5 miljard).

Binnen het MTN-programma is op 30 juni 2018 € 5,0 miljard beschikbaar voor nieuwe emissies.

Inzake de rentedragende leningen en overige faciliteiten zijn geen zekerheden gesteld door de N.V. Nederlandse Gasunie.

2. Kortlopende financieringsverplichtingen

In miljoenen euro’s 30 juni 2018 31 dec. 2017
     
Aflossingsverplichtingen op langlopende leningen 321,4 321,4
Kortlopende leningen 335,1 268,0
Kortlopende leningen aan joint ventures 19,1 13,3
     
Totaal kortlopende financieringsverplichtingen 675,6 602,7

De vennootschap heeft in het eerste halfjaar van 2018 € 10,7 miljoen (eerste halfjaar 2017: € 760,7 miljoen) aan langlopende leningen afgelost.

3. Personeelsbeloningen

De waardering van de pensioenverplichting in overeenstemming met IAS 19 Employee Benefits (Revised) vindt jaarlijks plaats in de tweede helft van het jaar. Per balansdatum is een indicatieve berekening gemaakt van de pensioenverplichtingen rekening houdend met onderstaande gewijzigde aannames.

De aannames die ten grondslag liggen aan de berekening van de pensioenverplichtingen zijn als volgt: inflatie 1,85% % (ultimo 2017: 1,9%), de verwachte jaarlijkse salarisverhoging 2,7 % (ultimo 2017: 2,7%) en de verwachte pensioenstijging van gepensioneerden 1,7 % (ultimo 2017: 1,7%).

De voorziening voor pensioenverplichtingen heeft betrekking op de pensioenregeling van de werknemers die voor 2012 in dienst zijn getreden bij Gasunie Deutschland. Deze wordt behandeld als een toegezegd-pensioenregeling.

De voorziening voor pensioenverplichtingen voor werknemers in Duitsland betreft de contante waarde van de toegekende pensioenaanspraken op 30 juni 2018 ter grootte van € 90,1 miljoen (ultimo 2017: € 88,1 miljoen).

Het totaal van rechtstreeks in het eigen vermogen verwerkte actuariële resultaten over het eerste halfjaar 2018 bedraagt € 0,4 miljoen nadelig (eerste halfjaar 2017: € 4,1 miljoen voordelig).

Het cumulatieve saldo van de actuariële winsten en verliezen, die rechtstreeks in het eigen vermogen zijn verwerkt, bedraagt per 30 juni 2018: € 26,7 miljoen nadelig (ultimo 2017: € 26,3 miljoen nadelig).

4. Overige langlopende verplichtingen

De ‘overige langlopende verplichtingen’ bestaan uit de ‘uitgestelde belastingverplichtingen’ en de ‘voorzieningen’. Tot 30 juni 2018 is er geen grote dotatie aan of vrijval van de voorzieningen geweest.

5. Financiële instrumenten

De volgende methoden zijn toegepast door de N.V. Nederlandse Gasunie om de reële waarde van financiële instrumenten te benaderen:

  • Handelsvorderingen, belastingen en sociale premie, overige vorderingen, geldmiddelen en kasequivalenten, kortlopende financieringsverplichtingen exclusief aflossingsverplichtingen op langlopende leningen, handelsschulden, belastingverplichtingen en overige schulden en overlopende passiva benaderen met hun boekwaarde de reële waarde als gevolg van de korte vervaltermijn van deze instrumenten;
  • De overige kapitaalbelangen zijn gewaardeerd tegen de reële waarde welke wordt gebaseerd op de contante waarde van de verwachte kasstromen. Bij de bepaling van de disconteringsvoet is rekening gehouden met het risicoprofiel, waaronder het kredietrisico, van de overige kapitaalbelangen;
  • De rentedragende leningen en aflossingsverplichtingen op langlopende leningen betreffen obligaties met een notering op de beurs van Amsterdam en onderhandse leningen. De reële waarde van de obligaties betreft de marktwaarde tegen de slotkoers op balansdatum. De reële waarde van de onderhandse leningen is berekend door middel van het disconteren van de toekomstige kasstromen tegen de actuele rentecurve. Bij de bepaling van de disconteringsvoet is rekening gehouden met het eigen risicoprofiel, waaronder het kredietrisico.

De N.V. Nederlandse Gasunie hanteert de volgende hiërarchie van waarderingstechnieken voor het bepalen en waarderen van de fair value van de financiële instrumenten in de balans:

Niveau 1: Op basis van prijzen op actieve markten voor hetzelfde instrument;
Niveau 2: Op basis van prijzen op actieve markten voor vergelijkbare instrumenten of op basis van andere waarderingstechnieken waarbij alle significante benodigde gegevens zijn ontleend direct of indirect aan zichtbare marktgegevens; en
Niveau 3: Op basis van waarderingstechnieken waarbij alle significante benodigde gegevens niet zijn ontleend aan zichtbare marktgegevens.

 

De in de balans op reële waarde gewaardeerde activa en passiva zijn volgens de volgende hiërarchie bepaald:

In miljoenen euro’s Totaal Niveau 1 Niveau 2 Niveau 3
         
30 jun. 2018        
- overige kapitaalbelangen 478,3 - - 478,3
         
31 dec. 2017        
- overige kapitaalbelangen 490,7 - - 490,7

De overige kapitaalbelangen zijn een belang van 9% in Nord Stream AG, 12,7% in PRISMA European Capacity Platform GmbH en 12,5% in EDSN.

De belangen in Nordstream AG, PRISMA European Capacity Platform GmbH en Energie Data Services Nederland (EDSN) B.V worden gewaardeerd tegen reële waarde. N.V. Nederlandse Gasunie hanteert bij het bepalen van de reële waarde van relevante activa een disconteringsvoet die gebaseerd is op de risicovrije rente vermeerderd met een passende risico-opslag. Deze door Gasunie gehanteerde disconteringsvoet varieert van 4% tot 7% na belastingen, afhankelijk van het risicoprofiel van het te waarderen actief.

Vanaf 2008 heeft N.V. Nederlandse Gasunie een belang van 9% verkregen in Nord Stream AG, welke twee gaspijpleidingen door de Baltische Zee van Rusland naar Duitsland opereert. Het kapitaalbelang in Nord Stream AG wordt gehouden door Gasunie Infrastruktur AG en is bedoeld als een investering met een duurzaam karakter die dienstbaar is aan de doelstellingen van de N.V. Nederlandse Gasunie.

De verwachte kasstromen zijn gebaseerd op contractueel gemaakte afspraken. Indien de disconteringsvoet wijzigt met 0,5%-punt, dan leidt dit indicatief (onder overige gelijkblijvende omstandigheden) tot een wijziging in de reële waarde van € 24 miljoen (ultimo 2017: € 24 miljoen).

De waardering wordt gebaseerd op de contante waarde van de kasstromen gebruik makend van een calculatiemodel welke jaarlijks door Nord Stream AG wordt geactualiseerd in het kader van het businessplan. Dit model wordt ter beoordeling en goedkeuring voorgelegd aan de aandeelhouders van Nord Stream AG. Het model wordt voorts door het management van de N.V. Nederlandse Gasunie getoetst aan de hand van de periodieke rapportages van Nord Stream AG.

De belangen in PRISMA European Capacity Platform GmbH en Energie Data Services Nederland (EDSN) B.V. worden gewaardeerd tegen reële waarde. Vanwege de relatief beperkte materialiteit van deze kapitaalbelangen is een gevoeligheidsanalyse van de reële waarde berekening niet vermeld.

De mutaties in de overige kapitaalbelangen zijn als volgt:

In miljoenen euro’s eerste halfjaar 2018 2017
     
Stand per 1 januari 490,7 470,2
     
Mutatie reële waarde rechtstreeks verwerkt in het eigen vermogen ‑12,4 20,5
     
Stand per 30 juni/ 31 december 478,3 490,7

Onderstaand is een vergelijking opgenomen van de financiële instrumenten waarvan de boekwaarde geen benadering is van de reële waarde:

In miljoenen euro's 30 juni 2018     31 dec. 2017  
  Boekwaarde Reële waarde   Boekwaarde Reële waarde
           
Rentedragende leningen  2 832,2   3 115,9     2 842,9   3 146,8 
Kortlopend deel van de rentedragende leningen 321,3  321,7     321,4   322,2 

6. Financiële informatie per segment

De informatie wordt gesegmenteerd naar de activiteiten van de groep. De operationele segmenten weerspiegelen de managementstructuur van de groep. De volgende segmenten worden onderscheiden:

  • Gasunie Transport Services
    Dit segment beslaat het netbeheer in Nederland en is verantwoordelijk voor de aansturing van transport, de ontwikkeling van leidingnet en bijbehorende installaties en het bevorderen van de marktwerking.

     
  • Gasunie Deutschland
    Dit segment beslaat het netbeheer Duitsland en is verantwoordelijk voor de aansturing van transport, de ontwikkeling van leidingnet en bijbehorende installaties en het bevorderen van de marktwerking.

     
  • Participations
    Dit segment richt zich op het optimaal benutten van de bestaande deelnemingen, het ontwikkelen van projecten ten behoeve van de energietransitie en het faciliteren van de komst van nieuwe gasstromen naar Noordwest-Europa via LNG-aanvoer en lange afstandspijpleidingen. Deelname in (inter)nationale projecten op het gebied van aardgasinfrastructuur in Nederland en Duitsland maakt hiervan eveneens deel uit. Onder dit segment vallen tevens de joint arrangements voor pijpleidingen die het Gasunie-transportnet verbinden met buitenlandse markten, zoals de BBL-leiding naar het Verenigd Koninkrijk.

De grondslagen van waardering en resultaatbepaling van de segmenten wijken niet af van de grondslagen zoals die in de geconsolideerde en vennootschappelijke jaarrekening worden gehanteerd.

De verplichtingen, opbrengsten en resultaten van een segment omvatten zowel posten die rechtstreeks tot dat segment behoren als posten die redelijkerwijs aan dat segment kunnen worden toegerekend. De transactie prijzen voor leveringen tussen segmenten worden bepaald op zakelijke basis.

Informatie over opbrengsten en resultaat

Informatie over opbrengsten en resultaat
In miljoenen euro's Opbrengsten     Segmentresultaat  
  eerste halfjaar 2018 eerste halfjaar 2017   eerste halfjaar 2018 eerste halfjaar 2017
Segmenten          
- Gasunie Transport Services  514,7  588,6   213,4 295,5
- Gasunie Deutschland 109,8 108,3   48,4 47,8
- Participations 67,8 60,4   25,8 28,3
Inter-segment ‑20,9 ‑17,6   ‑1,1  
           
Segmententotaal  671,4  739,7   286,5 371,6
           
Niet-gealloceerde financiële baten en lasten       13,9 4,2
           
Resultaat vóór belastingen       300,4 375,8
           
Belastingen       -66,1 ‑84,7
           
Opbrengsten en resultaat na belastingen over de periode  671,4  739,7   234,3 291,1

Gedurende het eerste halfjaar 2018 heeft het segment Gasunie Transport Services voor € 7,5 miljoen (eerste halfjaar 2017: € 4,2 miljoen), het segment Gasunie Deutschland voor € 0,1 miljoen (eerste halfjaar 2017: € 0,1 miljoen) en het segment Participations & Business Development voor € 13,3 miljoen (eerste halfjaar 2017: € 13,3 miljoen) aan inter-segment diensten geleverd.

7. Omzetverantwoording

IFRS 15 schrijft voor dat de vennootschap haar opbrengsten indeelt naar de manier waarop economische factoren de aard, omvang, timing, en onzekerheid van de kasstromen beïnvloeden. De omzet van Gasunie wordt hierbij onderverdeeld in twee categorieën. De eerste betreft de omzet gereguleerde transport- en aanverwante diensten, waarbij de inkomsten elke 5 jaar door de toezichthouder in Nederland en Duitsland wordt vastgesteld. Het tweede betreft de niet-gereguleerde diensten, waarbij de inkomsten worden bepaald door tarieven en volumes die in de markt tot stand komen.

De omzet gereguleerde diensten betreffen de segmenten Gasunie Transport Services en Gasunie Deutschland. De niet-gereguleerde diensten betreffen het segment Participations. Intersegment diensten zijn geëlimineerd.

In onderstaande tabel is de opbrengst van beide categorieën weergegeven:

In miljoenen euro's eerste halfjaar 2018 eerste halfjaar 2017
Omzetcategorie    
Omzetgereguleerde diensten 624,5 696,9
overige diensten 67,8 60,4
Inter-segment ‑20,9 ‑17,6
     
Segmententotaal 671,4 739,7

De Raad van Bestuur,

J.J. Fennema*, voorzitter
I.M. Oudejans*
U. Vermeulen
B.J. Hoevers

 

Groningen, 23 juli 2018

 

* Statutair bestuurder